Stagedagboek #6
Maandag 15 februari
Om acht uur begon zoals altijd weer de dienst. Vandaag liep ik mee met nummer één. Zijn taak is o.a. om te kijken of de AED (Automatisch Externe Defibrillator) goed werkt, dat is een belangrijk apparaat op de autospuit. Hiermee kan de brandweer een persoon met een hartaanval reanimeren, vaak zijn ze namelijk eerder dan de ambulance. Alles werkte zoals het hoort. Ook de rest van wat me moesten controleren was in orde.
We hebben tot negen uur even bijgepraat onder het genot van een bakje koffie/chocomel. Daarna was het tijd voor de welbekende schoonmaak.
Ik mocht de kantine weer zuigen, maar we waren nog niet eens een half uur verder of de lichten gingen aan en het alarm begon te piepen: “Afhijsing met spoed, voor de ladder en autospuit van Hendrik!”
Snel heb ik de stofzuiger uitgezet en ben naar beneden gelopen. Met de sirenes aan stoven we weg uit de kazerne. Het was een stukje rijden, we hadden dus alle tijd om handschoentjes aan te trekken en ons klaar te maken voor de afhijsing.
Bij aankomst was de ladder er nog niet, die was boodschappen aan het doen en moest dus van verder komen. Toen zij er waren heb ik de boodschappen aangepakt zodat zij zich volledig konden richten op de patiënt.
De huisgenoot (of familie) van het slachtoffer kwam ook naar beneden, die was duidelijk overstuur, wat te begrijpen is. We hebben het slachtoffer, toen hij beneden was, weer overgedragen aan de ambulancedienst, zodat hij met spoed naar het ziekenhuis kon. De andere man is ook mee gegaan met de ambulance.
Wij zijn nog even gaan tanken en zijn toen terug gegaan naar de kazerne. Daar heb ik de boodschappen naar boven gedragen en hebben we alles uitgepakt.
Om elf uur was het tijd voor het sporten, de sportinstructeur was er en hij wilde met ons de sportzaal in. We hebben een circuit klaargezet en hebben flink gesport, het was wel weer even inkomen na het weekend. Daarna ben ik nog even het krachthok in gegaan.
Na het omkleden ben ik in de kantine het eten klaar gaan zetten en de snacks gaan bakken. Om kwart voor één konden we aan tafel, daar waren we wel aan toe.
Ik had net twee happen achter de kiezen toen het alarm weer ging: “Brand, Witte de Withstraat, voor de autospuit en ladder Hendrik en de autospuit Dirk”.
Iedereen liet zijn eten staan en rende naar beneden. We stoven weer de kazerne uit, iedereen ging meteen aan de gang met het omhangen van de ademluchttoestellen, en alles werd getest. Bij aankomst kwam er rook uit het raam, snel werd een slang uitgerold en werd de woning betreden. Buiten stond de aangeslagen familie, flink overstuur. De politie had een hele taak aan de mensen en om ze tot bedaren te brengen.
Uiteindelijk was de brand vrij snel uit. Er was een gasleiding kapot gegaan, die lekte gas. Toen de hoofdafsluiter uit was, had de brand geen kans meer en was dus snel uit. We hebben de woning geventileerd en de mensen nog uitgelegd wat er was gebeurd, in principe konden ze er weer in.
Terug op de kazerne kwam de ademluchtwagen nog even langs om de gebruikte adembeschermingsspullen te wisselen, alles was weer klaar voor de volgende uitruk.
Ik heb de lunch afgemaakt, alleen waren de meeste hapjes helaas wel koud.
Na het afruimen en de afwas hebben we even gezeten en wat gepraat. Daarna zijn we de autospuit van binnen schoon gaan maken. Hij was flink vies, dus dat werd wel weer eens tijd.
Net toen ik met het breekijzer in het washok stond ging het spoedalarm weer, snel ben ik teruggegaan om het breekijzer weer in de autospuit te bevestigen. Toen ik net m’n pak in was geschoten begon de stem te spreken: “Brandgerucht voor de autospuit van Dirk”. Iedereen keek raar op. Waarom wordt Dirk bij ons omgeroepen? En het is voor ons toch veel dichter bij dan voor Dirk…?
De bevelvoerder heeft gebeld met de alarmcentrale, er werd al snel duidelijk dat het een fout betrof. Dus ging opnieuw het alarm en moesten we alsnog uitrukken voor het brandje.
Na een stuk over de grachten te hebben gescheurd kwamen we aan bij een kantoor. De vrouw nam een deel van de ploeg mee naar binnen om te laten zien waarvoor gebeld was, het bleek te gaan om een openhaard, niks te doen dus.
In de tussentijd waren wij buiten aan het wachten, toen kwam er een toerist die met ons op de foto wilde, wij zijn de beroerdste ook niet en hebben haar dag goed gemaakt, altijd leuk.
Bij terugkomst hebben we het schoonmaken afgemaakt en zijn even wat gaan drinken. Op dat moment gingen de lampen weer aan, het alarm bleef uit. Dat betekent een klusje zonder spoed. Het ging om een brandende papiercontainer, dus zijn we weer onderweg gegaan.
Bij aankomst kwam er flink wat rook uit, we hebben er een slang in gehangen en flink wat water erin laten lopen. Het is niet helemaal uitgegaan, maar in ieder geval zat er zoveel water in dat het niet snel meer aan zou gaan.
Om vier uur was deze dag weer voorbij.

Laat een reactie achter |